DE FLITSEN

Aangezien dit onze ware toestand is, dienen ook wij zoals Yunus (as) ons aandachtsveld van alle oorzaken af te wenden en rechtstreeks toevlucht te nemen tot onze Heer, Die de Schepper van oorzaken is. Wij dienen ook

لاَۤ اِلٰهَ اِلاَّۤ اَنْتَ سُبْحَانَكَ اِنِّى كُنْتُ مِنَ الظَّالِمِينَ

uit te spreken en op het niveau van aynel-yaqīn te begrijpen dat alleen Hij, Wie de toekomst, de wereld en onze nefs onder Zijn bevel en gezag houdt, ons kan redden van de kwalen van de toekomst, de wereld en de nafs-i emmāra, die vanwege onze onachtzaamheid en dwaling tegen ons zijn verenigd.

 

Inderdaad, welke oorzaak buiten de Schepper van de hemelen en aarde zou de meest subtiele en geheime verlangens van ons hart kennen? Wie zou de toekomst voor ons kunnen verlichten door het hiernamaals tot stand te brengen en ons kunnen redden van de talloze verstikkende golven van de wereld? Neen, buiten die Noodzakelijk Bestaande is er niets dat op welke manier dan ook hulp en redding kan bieden, behalve met Zijn toestemming en bevel.

 

Aangezien dit alles de waarheid is en aangezien de vis als gevolg van zijn smeekbede voor hem als een voertuig en onderzeeër diende, de zee als een vredige vlakte werd, en de nacht met zijn maneschijn een aangename verschijning kreeg, dienen ook wij dezelfde smeekbede te verrichten en

لاَۤ اِلٰهَ اِلاَّۤ اَنْتَ سُبْحَانَكَ اِنِّى كُنْتُ مِنَ الظَّالِمِينَ

uit te spreken. Wij dienen de genadige blik van Allah met

لَٓا اِلٰهَ اِلَّٓا اَنْتَ

tot onze toekomst, met

سُبْحَانَكَ

tot onze wereld en met

اِنّٖى كُنْتُ مِنَ الظَّالِمٖينَ

tot onze nefs aan te trekken, opdat onze toekomst via het licht van de īmān en de weerschijn van de Koran wordt verlicht, en opdat de angst en ellende van onze nacht worden veranderd in vrede en rust.

 

In onze wereld en op onze aarde, waar volgens een ongelovige blik de golven van jaren en eeuwen -via de constante cyclus van leven en dood- ontelbare lijken met zich meedragen en deze in non-existentie gooien, dienen wij de waarheden van de Islam, die door de Koran zijn geweven en als een spiritueel schip fungeren, binnen te treden. Zodoende kunnen we die zee vreedzaam bevaren totdat we de vredige kust bereiken en onze levenstaak voltooien. Op die manier zullen de stormen en bevingen op die zee -als de beelden op bioscoopdoeken die constant worden ververst- in plaats van vrees en schrik te zaaien, het bezinnende oog strelen, plezieren en verlichten. Dankzij dat geheim en die fatsoenering van de Koran zal onze nefs niet ons bestijgen en ons leiden, maar ons voertuig worden dat wij bestijgen; het zal dienen als een sterk middel tot het verwerven van ons eeuwige leven.