DE FLITSEN

Inderdaad, de alomvattende wijsheid van het universum, die voortkomt uit de hoogste manifestatie van de Naam al-Hakīm, berust op matigheid en het vermijden van verspilling en schrijft zuinigheid voor.

 

En de volmaakte gerechtigheid in het universum, die voortkomt uit de hoogste manifestatie van de Naam al-Adl, bestuurt de evenwichten van alle dingen en beveelt de mens rechtvaardig te zijn. Door in de Soera ar-Rahmān viermaal de weegschaal (mīzān) te noemen in de verzen

 

وَالسَّمَاۤءَ رَفَعَهَا وَوَضَعَ الْمِيزَانَ - اَلاَّ تَطْغَوْا فِى الْمِيزَانِ - وَاَقِيمُوا الْوَزْنَ بِالْقِسْطِ وَلاَ تُخْسِرُوا الْميِزَانَ

 

wijst de Koran op vier niveaus en vier vormen van maat en evenwicht, en openbaart Hij daarmee de verheven grootsheid en buitengewone betekenis van het evenwicht in het universum. Inderdaad, zoals er nergens werkelijke verspilling bestaat, zo is er ook nergens ware onrechtvaardigheid of echte wanverhouding. En de reiniging en zuiverheid die voortkomen uit de hoogste manifestatie van de Naam al-Quddūs reinigen en verfraaien alle wezens van het universum. Zolang de bevlekte hand van de mens zich er niet mee bemoeit, is er in niets ware onreinheid of werkelijke lelijkheid te bespeuren.

 

Begrijp hieruit hoezeer rechtvaardigheid, zuinigheid en reinheid — die behoren tot de waarheden van de Koran en de grondbeginselen van de islam — fundamentele principes zijn voor het menselijk leven. En weet dat de voorschriften van de Koran zo diep met het universum verbonden zijn, er zo in geworteld en doorheen geweven, dat het ondermijnen van deze waarheden even onmogelijk is als het ontwrichten van het universum of het veranderen van zijn vorm.

 

En zoals deze drie verheven lichten, zo eisen en vereisen ook honderden alomvattende waarheden, zoals barmhartigheid, voorzienigheid en bescherming, het Hiernamaals en de Wederopstanding. Is het dan ooit mogelijk dat zulke allesomvattende waarheden, die in het universum en in alle wezens heersen — zoals barmhartigheid, voorzienigheid, rechtvaardigheid, wijsheid, zuinigheid en reinheid — door het niet-bestaan van de Wederopstanding en het niet aanbreken van het Hiernamaals zouden ontaarden in wreedheid, onrecht, zinloosheid, verspilling en nutteloosheid? Neen, honderdduizendmaal neen!

 

Zou een barmhartigheid en een wijsheid die zelfs het levensrecht van een vlieg met mededogen bewaart, door het uitblijven van de Wederopstanding de ontelbare levensrechten van alle bewuste wezens en de eindeloze rechten van alle schepselen tenietdoen?

 

En zou een majesteitelijke goddelijke heerschappij, die met oneindige zorg en fijngevoeligheid barmhartigheid en rechtvaardigheid, wijsheid en maat handhaaft, en die dit universum met ontelbare wonderlijke kunstwerken en gunsten heeft versierd om Zijn volmaaktheden te tonen en Zichzelf te doen kennen en beminnen, ooit toestaan dat de Wederopstanding niet wordt verwezenlijkt, waardoor zowel Zijn volmaakte eigenschappen als al Zijn schepselen tot niets zouden worden gereduceerd en ontkend? In geen geval! Zo’n absolute schoonheid kan zo’n absolute lelijkheid niet toelaten.

 

Wie het Hiernamaals wil ontkennen, moet eerst de hele wereld met al haar waarheden ontkennen. Anders zal de wereld hem met al haar waarheden, in honderdduizend talen, tegenspreken en zijn leugenachtigheid op honderdduizend wijzen bewijzen. Inderdaad, het Tiende Woord heeft met onweerlegbare bewijzen aangetoond dat het bestaan van het Hiernamaals even zeker en onbetwijfelbaar is als het bestaan van de wereld zelf.