DE FLITSEN
Tweede punt
De schepselen worden op twee manieren geschapen. De eerste is het scheppen uit het niets, wat ibdā’Scheppen zonder voorafgaand model; scheppen uit het niets. en ihtirā’Het voortbrengen van iets nieuws zonder voorbeeld; het scheppen uit het niets. wordt genoemd. De tweede is het tot stand brengen door bestaande elementen en dingen te verzamelen, wat inshā’Het tot stand brengen door bestaande elementen en dingen te verzamelen en te ordenen. en tarkībHet samenstellen en combineren van onderdelen tot een geheel. wordt genoemd. Wanneer de schepping volgens de manifestatie van de ferdiyyeDe goddelijke eenheid die zich zowel in elk afzonderlijk schepsel als in de veelheid en de grootsheid van het universum manifesteert. en het geheim van de ehadiyyaDe eenheid van Allah die zich in elk afzonderlijk bestaan manifesteert. plaatsvindt, ontstaat er een oneindige mate van gemak, zelfs een gemak dat de graad van noodzakelijkheid bereikt.
Indien het niet aan de Ene en Enige wordt toegeschreven, zou het oneindig moeilijk en onredelijk worden, zelfs zo moeilijk dat het de graad van onmogelijkheid bereikt. Nochtans zien wij dat de schepselen in het universum met de uiterste moeiteloosheid en in een uiterst volmaakte vorm tot bestaan komen. Dit toont duidelijk de manifestatie van de goddelijke eenheid en bewijst dat alles rechtstreeks het werk is van Zāt-i Ferd-i zul-DjelālAllah, de Enige en Majesteitelijke Heer Wiens grootheid en verhevenheid grenzeloos is..
Inderdaad, wanneer de schepselen worden toegeschreven aan de Ene en Enige, dan schept Hij – met die oneindige macht waarvan de grootheid blijkt uit Zijn werken – de schepselen uit het niets, met de grootste gemakkelijkheid en zonder enige moeite. Met Zijn allesomvattende en oneindige kennis bepaalt Hij voor elk schepsel een maat die als een geestelijke vorm dient. Overeenkomstig de vorm en het plan dat zich in Zijn kennis bevindt, nemen de atomen van elk schepsel gemakkelijk hun plaats in die geestelijke vorm in en behouden daar ordelijk hun positie.
Zelfs indien het nodig zou zijn de atomen van alle kanten te verzamelen, komen zij – dankzij hun verbondenheid met de goddelijke wetten en de goddelijke leiding – ordelijk bijeen, zoals de soldaten van een gehoorzaam leger. Door de wetten van de kennis en de leiding van de macht bewegen zij zich en treden zij de geestelijke vorm binnen die in de goddelijke kennis bestaat. Aangezien deze geestelijke vorm het bestaan van dat schepsel omvat, vormen zij zo gemakkelijk zijn bestaan.
Zoals een weerspiegeling in een spiegel door middel van fotografie op papier een uiterlijke vorm krijgt, of zoals een brief die met onzichtbare inkt is geschreven zichtbaar wordt wanneer men er een speciale stof op aanbrengt, zo bekleedt de goddelijke macht de essenties van de dingen en de vormen van de schepselen die zich in de spiegel van de allesomvattende kennis van de Ene en Enige bevinden met een uiterlijk bestaan. Zo worden zij uit de wereld van betekenis naar de wereld van verschijning gebracht en aan de ogen getoond.
Wanneer dit echter niet aan de Ene en Enige wordt toegeschreven, zou het voor het bestaan van zelfs een vlieg noodzakelijk zijn de specifieke atomen ervan met een uiterst nauwkeurige maat van over de hele aarde en uit de elementen te verzamelen; alsof men de aarde en haar elementen zou moeten zeven om de bijzondere deeltjes van dat specifieke lichaam te vinden en ze vervolgens op ordelijke wijze in zijn kunstige lichaam te plaatsen. Daarvoor zouden materiële vormen nodig zijn, misschien zelfs evenveel vormen als het aantal organen. Bovendien zouden ook de subtiele geestelijke eigenschappen, zoals de geestelijke zintuigen en de ziel, met een bijzondere maat uit de geestelijke werelden moeten worden gehaald.
Op die manier zou het scheppen van een vlieg even moeilijk worden als het scheppen van het hele universum. Er zou een moeilijkheid op moeilijkheid ontstaan, misschien zelfs een onmogelijkheid op een onmogelijkheid. Immers, alle mensen van religie en wetenschap zijn het erover eens dat niemand behalve de Ene Schepper uit het niets kan scheppen. Daarom kan, wanneer de schepping aan oorzaken of aan de natuur wordt toegeschreven, alles slechts tot stand komen door uit vele andere dingen te worden samengesteld.